Instabiliteit in Oost-Europa

Gepubliceerd op 8 mei 2020 om 17:33

Henk Witte 

 

                                                                                                                                                                                                              Hongarije blijft een pijndossier voor de Europese Unie. Victor Orbán, de Hongaarse premier, laat zich maar moeilijk in het – afgesproken – keurslijf van de Unie dwingen. Orbán wil maar al te graag de financiële vruchten van de Europese samenwerking plukken, maar weigert zich verder te conformeren aan de rechtsbeginselen die de solide basis voor de Unie moeten zijn. Steeds weer gaat de man een stapje verder in het beknotten van vrijheden, waarbij hij moedwillig – en kwaadaardig – het verbond schoffeert.

Orbán heeft, zo lijkt het, een verborgen agenda. In een eerdere column, elders geplaatst, heb ik er al eens op gewezen dat we er niet van moeten opkijken als hij streeft naar hereniging met de vroegere Hongaarse gebieden en de daar wonende minderheden. Orbán is een eigengereid man  die weliswaar moet opboksen tegen een steeds sterker wordend extreemrechts en antisemitisch Jobbik, maar die zelf ook bepaald niet vies is van sterk nationalistische sentimenten. Sentimenten die nog altijd doen terugverlangen naar het vroegere Groot-Hongaarse rijk, dat met het verdrag van Trianon in 1920 uiteenviel. Het verstrekken van paspoorten aan Hongaren in de vroegere landsdelen in Slowakije, Roemenië, Servië en Oostenrijk, en het op die manier binden van die gebieden aan Hongarije doet sterk denken aan de ontwikkelingen die in 2008 voorafgingen aan de oorlog in Georgië. Orbán zette een kaart van Groot-Hongarije (zijn land plus gebieden met Hongaarse minderheden in de buurlanden) op zijn Facebookpagina. Over een agenda gesproken.

Die provocaties van Orbán vallen vooral in Roemenië in slechte aarde. Roemenië heeft een grote Hongaarse minderheid en dat levert regelmatig spanningen op met het buurland. Het verstrekken van paspoorten aan de Hongaren in de aangrenzende landen heeft er toe geleid dat binnen drie jaar al een half miljoen etnische Hongaren gebruik gemaakt hebben van die mogelijkheid, vooral in Roemenië. Zij mogen ook een stem uitbrengen bij de Hongaarse parlementsverkiezingen. Dit alles dus tegen het zere been van de Roemenen.

 

Orbán tegen Orbán

De huidige Roemeense  (interim) premier heeft toevallig dezelfde achternaam als de Hongaarse.  Premier Ludovic Orbán (Roemenië) was nogal gebelgd over de actie van zijn Hongaarse naamgenoot om het Groot-Hongarije weer op de kaart te zetten.

Ondertussen wordt er ook door ministers uit het Hongaarse Kabinet van Orbán flink van leer getrokken. Zo uitte de minister van Buitenlandse zaken zich over de Roemeense president in termen als “ongemanierde haatzaaier”.

Bij dit alles moeten we overigens niet vergeten dat naast Hongarije ook Roemenië verscheidene keren op de vingers is getikt. Ook in Roememië wordt aan de rechtsstaat gemorreld. 

Sommige landen hebben nog een eind te gaan alvorens van een saamhorig en volledig conformerend lidmaatschap van de Europese Unie kan worden gesproken. Zowel het Europees Parlement alsook de Europese commissie zullen helaas in haar controle op de niet zo stabiele omstandigheden en waar nodig bij interventie en bijsturing op rijstpapier moeten lopen.

 

 


Reactie plaatsen

Reacties

Ineke van Veen
2 maanden geleden

Hongarije gaat bergafwaarts. Orban een kleine dictator van Hongarije en de mensenrechten worden geschonden.